De belangrijkste eigenschappen van een goede coach

Wanneer je de literatuur eropna slaat kom je uitgebreide en soms zelfs ingewikkelde definities tegen van wat een coach is. Onderstaande definitie is dan ook geen citaat maar een samenvoeging en vereenvoudiging van deze verschillende definities, zoals geformuleerd in het boek Spelend Coachen:

Een coach past psychologische en communicatieve vaardigheden toe, zodat degene die gecoacht wordt op eigen kracht een zelfgekozen doel kan bereiken.

Vanuit een houding van acceptatie en empathie is de coach gericht op het versterken van de effectiviteit van de coachee en het behalen van dit specifieke doel.

Vanuit deze definitie komen vanzelf al een aantal eigenschappen voor een coach naar voren die bijdragen aan een goed coachproces. Ze kenmerken de grondhouding van een goede coach. En dat is niet zomaar. Deze eigenschappen dragen bij aan een veilige verbinding tussen de coach en coachee.

En alleen op basis van verbinding ontstaat er een geslaagd coachproces. Nu is verbinding iets anders dan een diepgaande relatie opbouwen, het hoeft dus geen tijden te duren voor die verbinding er is. Maar om verbinding makkelijk tot stand te laten komen is het wel belangrijk dat je over een aantal eigenschappen beschikt die het maken van verbinding vergemakkelijken voor de ander.

Eigenschappen die verbinding en een goed proces bevorderen:

1 Je bent objectief.
Je benadert de ander zonder mening, zonder gekleurde bril. Je hebt geen oordeel want het is niet jouw verhaal. Wel kijk en vraag je naar de feiten. Om zo de ander te helpen van een afstand naar het eigen handelen te kijken en daarop te kunnen reflecteren.

2 Je communiceert effectief.
Je bent communicatief vaardig. Je bent bekend met verschillende gespreksvaardigheden en hebt ook kennis van de non-verbale signalen. Je weet hoe je die inzet, en wanneer je dat doet met als doel de ander haar inzichten te laten opdoen. Daarnaast ben je ook helder in je eigen communicatie. Denk aan de manier waarop jij afspraken maakt en nakomt.

3 Je hebt de volle aandacht voor de coachee.
Het coachmoment is van de ander. Jij bent daar aanwezig ten dienste van het proces. Je eigen zaken heb je vooraf geparkeerd. In het gesprek gaat het dus niet over jou of jouw ervaringen met deze casus. Je bent in staat dat los te laten. Dit is overigens iets anders als jezelf op de laatste plek zetten, wegcijferen en er altijd voor een ander zijn. Zorg dat je zelf een plek hebt waar je wel je verhaal kunt doen.

4 Je bent nieuwsgierig
Je bent benieuwd naar de drijfveren en logica achter het gedrag en de gedachten van de ander. Niet om te kunnen oordelen, maar om de ander te kunnen begrijpen zodat je kunt aansluiten. Om met de woorden van mijn oma te spreken: Wie zich niet ergert maar verwondert, wordt geen tachtig maar wel honderd. Ze tikt inmiddels de 94 aan en is het levende bewijs van deze stelling. Bewezen dus. 😉 Verwonder je!

5 Je bent empathisch
Zonder daarmee te zeggen dat je het met de persoon in kwestie eens bent, ben je wel in staat je te verplaatsen in de ander. Je wilt je inleven in de redenatie van de ander. Zodat je oordeel-loos de vragen kunt stellen die behulpzaam zijn voor het proces. Empathie heeft twee delen. Het deel dat zich bij jou intern afspeelt: In hoeverre lukt het je je ‘zelf’ te parkeren en je te richten op de caochee? En het zichtbare deel: De manier waarop dit meeleven zichtbaar is voor de coachee. Bijvoorbeeld door je manier van communiceren en je houding. Open vragen zijn een duidelijke uiting van empathie.

6 Je bent betrouwbaar
Voor een goede coachrelatie is dit cruciaal. Vaak komen er kwetsbare en persoonlijke thema’s ter sprake. Belangrijk voor het proces, niet belangrijk voor andermans oren. Wees integer en te vertrouwen. Binnen de kinderopvang kun je verschillende rollen hebben waarbij (het lijkt dat) er hier sprake kan zijn van belangenverstrengeling. Daarnaast kunnen er verwachtingen meespelen van anderen over de informatieverstrekking wat betreft de inhoud van gesprekken. Onthoudt: Betrouwbaarheid zit hem vooral in de mate waarin doet wat je zegt en zegt wat je doet. Wees vooraf aan een coachtraject helder wat de ander van je mag verwachten op dit gebied, en waar er open kaart gespeeld wordt richting derden. Als coach ben jij verantwoordelijk voor het borgen van de veiligheid, betrouwbaarheid is daar een groot onderdeel van.

7 Je bent positief
Als coach ben je er onder andere om de ander perspectief te geven op de mogelijkheden. Dat lukt natuurlijk niet vanuit een negatieve houding. Focus op wat goed gaat en op de behaalde resultaten. Dat geeft energie om door te gaan. Je bent dus ook niet bang voor mislukking maar ziet dit als een kans om nieuw inzicht op te doen. Te ontdekken wat er dus niet werkt zodat je beter zicht krijgt op wat dan wel. Vind je dit lastig? Verdiep je dan eens in de theorie van het omdenken.

8 Je blijft ook jezelf ontwikkelen
Dit doe je op twee gebieden. Ten eerste op het gebied van je persoonlijke ontwikkeling. Een belangrijk kenmerk van een coach is echtheid. Zijn wie je bent. Weten wat je weet. Je hoeft niet de antwoorden voor de ander te weten. Voor een goed coachproces moet je wel weten wie je zelf bent zodat je de ander zonder masker tegemoet kunt treden. Daarvoor is het nodig om geregeld zelf in de spiegel te kijken. En ook de rol van coachee te hebben. Daarnaast blijf je je ontwikkelen als professional door scholing te volgen en je vaardigheden te ontwikkelen. En ook door up-to-date te blijven wat je vakgebied betreft. Lees dus relevante literatuur en verdiep je in de achtergrond van de kinderopvang.

Wil je weten waar jij staat als coach?
Doe dan de volgende opdracht:
Geef iedere eigenschap een cijfer tussen de 0 en 10 voor de mate waarin jij deze al toepast/ onder de knie hebt.
NB: ben je manager? Gebruik deze opdracht dan om objectief te beoordelen hoe het staat met de voorwaarden voor coaching binnen jouw locatie en maak inzichtelijk waar er winst te behalen valt.

Bepaal aan de hand van de score wat je top 3 is om de komende periode aandacht aan te besteden. Geef jezelf bijvoorbeeld tot de kerstvakantie om deze eigenschappen verder te ontwikkelen.

Dit ontwikkelen doe je door:
– Reflectie:
Reflecteer wekelijks op je handelen.
Teken bijvoorbeeld een schaallijn in je notitieboek en geef wekelijks je vorderingen aan.

– Inzicht vergroten:
Zoek een boek over dit thema en verdiep je in de tricks&tools die je kunt uitproberen.
Ga niet teveel op internet googelen maar zorg dat je juist de verdieping op dit thema meepakt.

– Speel en leer:

Wees niet te voorzichtig, probeer uit en monitor wat de effecten zijn.
Kun je niet inschatten hoe het uitpakt, benoem dan simpelweg dat je iets nieuws wilt uitproberen en zelf ook nog niet weet of dit het gewenste effect gaat geven.

Wil je echt meters maken?
Zoek dan een training zodat je ook in je blinde-vlekken-feedback wordt voorzien.

Op 11 oktober start de scholing Beleid in Praktijk.
Deze scholing helpt je de basis voor de vertaling van je beleid naar de praktijk goed uit te rollen. Om dit succesvol te kunnen doen spelen de eigenschappen van een goede coach een belangrijke rol.